Lex Harding: ‘Er zat zout in onze muziek’

0
1963
Lex Harding - Er zat zout in onze muziek

Muziek. Daar draaide het om in het leven van Lodewijk den Hengst die vijftig jaar geleden bij Radio Dolfijn op het zendschip Laissez Faire begon. Nadat kort daarop Radio Dolfijn een naam- en formatwijziging onderging in Radio 227, veranderde hij zijn naam in Lex Harding. Hij werd vanaf dat jaar ook een van de stemmen van Veronica en de spreekbuis van de duizenden artiesten die zeker in de jaren zestig en zeventig de vertolkers waren van maatschappelijke veranderingen. “Wij zonden in die tijd buitengaats die veranderingsboodschap over omdat we de muziek draaide.”

Een gesprek met Harding is luisteren naar een persoonlijkheid die gezegend is met een pioniers- en ondernemersgeest. Het is ook luisteren naar zijn stem die nog steeds herinneringen oproept aan de tijd waarin gelijkgestemden afstemden op Radio Veronica op middengolfzender 192. Hij stuwde veelbeluisterde programma’s als de Lex Harding Show en de Top 40 door de ether. En natuurlijk de legendarische Lexjooo die, als het klimatologisch even meezat, ’s avonds alleen in het westen van Nederland en Vlaanderen te beluisteren was. “Het vermogen van onze zender op zee was heel bewust laag, omdat we niet andere reguliere uitzendingen wilden verstoren”, opent Harding in zijn vintage lederen praatstoel die tegenover de open haard is geplaatst. “We wilden onder de radar blijven. Dus na het verzoekplatenprogramma Jukebox van mijn collega Stan Haag die van zes uur tot zeven uur ‘s avonds was geprogrammeerd, nam de ruis van het zilte water op de zender toe.” Radio Veronica was in alle opzichten de deinende zeezender die van 1960 tot en met augustus 1974 uitzond. Het waren veertien jaren die de beleving ‘radio’ behoorlijk heeft beïnvloed. De compacte transistorradio als gebruiksvoorwerp is opeens ieders vriend geworden. Zowel op het strand, achter het bureau als onder de wollen dekens.

LEX25

De inmiddels 72-jarige Nijkerker is de belichaming van de etherpiraterij die vanaf eind jaren vijftig van de vorige eeuw is ontwikkeld door ondernemers met het doel om het in vrijwel alle landen maar zeer beperkt toegankelijke omroepbestel te omzeilen/doorbreken door van buiten de territoriale wateren te opereren. In de jaren zestig werden vooral Nederland en Engeland geconfronteerd met deze niet zo eenvoudig te bestrijden vorm van etherpiraterij vanaf de Noordzee. Harding debuteerde in 1967 op het zendschip Laissez Faire waarop Radio Dolfijn uitzond. “Dit schip lag samen met Radio Caroline en Radio London in de mondig van de Theems”, aldus de Nijkerker die na een opleiding op Nyenrode, waar hij ook als stuurman deelgenoot was van het roeiteam, koos voor een baan waar hij zijn onvoorwaardelijke liefde voor muziek kon uitdragen. “Programmaleider Tony Windsor vond dat ik als disc jockey een andere naam moest hebben en dat werd Lex Harding, met dezelfde initialen als mijn echte naam. Lex haalde ik uit een advertentie in de krant, waarin werd aangekondigd dat Lexington een pakje met 25sigaretten introduceerde: Lex 25. Harding werd door Windsor eraan toegevoegd. Een sterke naam, vond hij. Ik wist pas later dat Harding een van de meest corrupte presidenten van de USA was. Al met al heb ik van Windsor technieken geleerd die volstrekt nieuw waren. Zeker voor Nederlandse begrippen. Ik leerde horizontaal programmeren en formats maken. Ik had ook alle ingrediënten geleerd waarmee je de identiteit van een zender kon bepalen. En dat was liefde voor de muziek die we via Radio Veronica uitdroegen. We waren tevens de spreekbuis van de muziek in een tijd waarin het leven op de vaste wal afstand nam van de spruitjeslucht en de bekrompen kleinburgerlijkheid. Het generatieconflict is nog nooit zo hevig geweest als in de jaren ‘60 en ’70 met oorlogsprotesten, emancipatie, provo’s en vrijheid blijheid. Veel popmuzikanten waren destijds de vertolkers van de revolutie. Door het draaien van hun muziek werden wij deel van die veranderingen. Muziek die we in het begin in de vorm van singles voornamelijk kregen uit Amerika en Engeland. Later kwam ook de Nederlandstalige muziek volop aan bod. Zeker vanuit Volendam, zodat de passie voor muziek werd gekoppeld aan het blije gevoel dat vanuit onze zendmast op de trawler Norderney 24/7 werd uitgestraald vanuit zee. Dus er zat wat zout bij in onze muziek.”

LEXJOOO

De legendarische Lexjooo was niet alleen zijn avondprogramma maar ook de titel van zijn nieuwe boek. Het is zijn met zorg samengestelde magnus opus van bijna 300 pagina’s plus vier cd’s met daarop zijn 78 favoriete rock- en popnummers. Zijn boek, geschreven door Tjerk Lammers, zal ongetwijfeld, net als evergreens in de Top 2000, verbondenheid creëren onder de zogenoemde classic popgeschoolden. Zo vertelt hij in zijn boek onder meer over zijn ontmoeting met grote popsterren en zijn avonturen als discjockey aan de hand van nummers als (Sittin’ On) The Dock Of The Bay (Otis Redding), Moondance (Van Morrison), Hurricane (Bob Dylan), Space Oddity (David Bowie) en A Boy Named Sue (Johnny Cash). “De vier begeleidende cd’s staan min of meer op zichzelf”, aldus Harding die door platenmaatschappij Universal en Uitgeverij Luitingh-Sijthoff voor deze uitgave zijn medewerking verleende. “De eerste, Radio Veronica, the boat that rocked, betreft voornamelijk hits uit de jaren zestig van de zeezender”, legt Harding uit. “Layla and other assorted rock songs bevat op zijn beurt vooral het ruigere werk uit de jaren zeventig terwijl The Countdown Years de jaren tachtig beslaat. Wild Romance ten slotte bestaat uit romantische songs uit de gehele periode. Ik heb Bohemian Rhapsody, Hotel California en Paradise By The Dashboard Light links laten liggen.”

Daarnaast staan er opmerkelijke nummers op waaronder een die na veel draaiminuten op middengolffrequentie 192 de Nederlandse radioluisteraar niet prikkelde om naar de platenzaak te gaan. En dat is October 26 van The Pretty Things. “Ik heb deze single grijsgedraaid. De Nederlands trommelvliezen hebben het nooit opgepakt. Onbegrijpelijk. Zoals je ziet heeft dit nummer een plekje verdiend in mijn persoonlijke collectie. Er zijn ook nummers die ik voor mijn boek wilde opnemen. Maar de betreffende platenbazen of erven van de muzikanten gaven geen toestemming om het nummer uit te brengen op een verzamelplaat, zoals de muziek van The Doors en Jimi Hendrix. Het zij zo. Je bent altijd afhankelijk van je stemming om een persoonlijke nummer één aan te wijzen. Maar in dit geval zou ik ‘Layla’ kiezen van Derek & The Dominos met gitarist Eric Clapton. Maar ook The Life I Live’ die Q65 in 1966 scoort mag er zijn. In zijn steenkolen-Engels zingt zanger Wim Bieler onder meer over de bruiloft van gitarist Joop Roelofs. Laat ik dit nummer maar labelen met de klapperrrrr van de week. Maar dat kan morgen weer een andere plaat zijn.”

Fotografie: Nico Brons